Bruchetta met verse vijgen, geitenkaas en gekarameliseerde pecannoten

Ik moest iets met vijgen maken. En niet omdat ik er zelf zo’n enorme dwang naar had, maar we hadden fantastische superrijpe vijgen uit de tuin. En dan ook 4 hele grote tegelijk. Heerlijk zoet van smaak waren ze, en heel lekker eraan vind ik ook die pitjes. Maar om ze nou allemaal kaal te eten vond ik zonde. Vijgen kun je namelijk heel goed combineren met hartige ingrediënten. Bijvoorbeeld geitenkaas. Dat is niet voor niks een bekende combinatie, want ook in deze bruchetta komen de smaken weer heel goed naar voren. De gekarameliseerde pecannoten zijn ook heerlijk, die karameliseer je heel gemakkelijk zelf in de oven. Verder is het helemaal food wasting als je nog oud stokbrood hebt liggen. Maar je kunt natuurlijk ook gewoon een nieuw stokbrood kopen. Of je kan ook oud gewoon brood gebruiken, als je nog een paar sneetjes hebt liggen.

Ingrediënten voor 6-8 bruchetta:

  • 1/2 stokbrood
  • 2 verse vijgen
  • 80 g zachte geitenkaas
  • 50 g pecannoten
  • 1 el roomboter, gesmolten
  • 1,5 el suiker
  • Snuf zout

Verwarm de oven voor op 170 graden.

Meng de pecannoten met de gesmolten roomboter, de suiker en een snuf zeezout. Verdeel dit over een bakplaat. Zet 20 minuten in de oven, schep af en toe om zodat het niet aanbrandt.

Snijd het stokbrood in plakken van ongeveer 2,5 cm dik. Rooster de broodjes in een koekenpan zonder olie of boter lichtbruin.

Snijd de vijgen in plakken. Verdeel wat extra vierge olijfolie over de broodjes en verdeel de plakken vijgen over de broodjes en verkruimel de geitenkaas erover. Verdeel ook de gekarameliseerde pecannoten erover. Maak eventueel af met een drizzle honing en wat peper en zout.

24 uur in Brussel: wat te doen, zien en beleven

Ik liep al maandenlang met het idee rond om een travel rubriek te beginnen. Eindelijk heb ik de knoop doorgehakt, en heb ik besloten mijn eerste blog te beginnen in deze rubriek. Meer hierover weten? Lees dan deze blog.

Enfin, de eerste blog in deze rubriek gaat over Brussel. Waarom Brussel? Dat was letterlijk de eerste die in mij opkwam. En dat is niet zo gek, want dat is een van de laatst bezochte steden van mij, dus het beeld zit nog goed in mijn hoofd. Omdat Brussel mij positief verrast heeft, wil ik jullie graag aanraden wat de leuke plekken in deze hoofdstad zijn en waarom je naar Brussel moet.

De naam van deze blog is een beetje geïnspireerd door de NS. NS favourites volg ik op instagram, en hier gaan ze af en toe naar een stad in Nederland om daar 10 uur te verblijven. Achteraf besefte ik dat ik 24 uur in Brussel was gebleven, en dat vond ik wel mooi om hier te vermelden. Nu ga ik echt beginnen over Brussel, ik dwaal veel te veel af. 🙂

Reizen naar Brussel?

Je moet er wel heen kunnen natuurlijk. Het is niet zo ver, vanaf Utrecht is het zo’n 170 kilometer. Met de auto is een optie, al is het wel moeilijk om de stad in de komen door het drukke centrum. Wij namen de trein vanaf Amsterdam. Dat kostte ons ongeveer 35,- p.p exclusief fiets. We hadden wel een persoonlijke OV. We moesten niet overstappen en binnen ongeveer 2,5 uur waren we in Brussel Centraal. Andere opties voor vervoer zijn met de fiets of flixbus. Fiets ben je wel een paar dagen onderweg, maar is wel haalbaar doel om in een paar dagen te doen.

11 uur, aankomst

Als je de trein van 08.22 pakt (hadden wij), ben je even na elven in Brussel Centraal. Mooie tijd om aan te komen, en je hebt nog de hele dag om de stad te zien. Wat wij deden toen we uit de trein stapten? Meteen naar het hotel. Met onze fietsen en zware rugzakken moesten we echt even ontladen. Het hotel dat waar we verbleven was het Metropole Hotel in het centrum van Brussel. Dit is echt een aanrader! We betaalden 87 euro voor een nacht voor 2 personen, en dat is een zeer schappelijke prijs voor wat we ervoor kregen. Het hotel is een begrip in Brussel, en ook het oudste. Vijf sterren en alleen de ontvangstruimte is al overweldigend mooi. Een aanrader dus om te overnachten wanneer je in Brussel bent.

Had zelf geen foto gemaakt, maar dit is het hotel!

13 uur, lunchtime

Dit is wel een beetje jammer, maar ik moet toch in deze guide de Mac vermelden. Hier hebben we namelijk geluncht, en dat is echt niet zo’n slecht idee want we hadden een lekkere kipburger met guacamole en de Mac zit middenin de stad. Wil je toch wat anders, ik heb even voor je gegoogled en vertrouw daar maar op omdat het er zo leuk uitziet en de recensies positief zijn. Zo lijkt mij Comptoir be burger erg leuk, de inrichting spreekt mij in ieder geval aan. Ook Nona spreekt mij erg aan. Pizza’s kunnen eigenlijk niet fout zijn. Ook dit ziet er erg leuk uit vind ik. Wil je Mexicaans eten, dan schijnt Ancho een hele goeie voor je te zijn. Een walhallah aan burrito’s, nacho’s, chili en guacamole!

Na de lunch gingen we de stad lopend verkennen. En dat kan lopend, want het centrum van Brussel is niet enorm uitgestrekt. Er rijden ook geen trams, dat is heel fijn en hoef je niet steeds achterom te kijken. Elisa en ik liepen eerst in het stadshart van Brussel, we gingen naar de Grand Place en het Manneken Pis, wat echt de must-sees van Brussel zijn natuurlijk. Hoe toeristisch ook, je kunt Brussel niet verlaten zonder op deze bekende plekken te zijn geweest.

De grand place

Manneken Pis

Toen liepen we naar een deel van Brussel iets buiten het diepe centrum, en ontdekten we de Marollenwijk. Verrasste ons heel erg, dit is een super leuke wijk met leuke restaurantjes, winkeltjes en jonge mensen. Ook zat er een skateparkje waar veel jongeren aan het skateboarden waren. Het is een hippe wijk, waar ook vintagewinkeltjes zaten. Ik kocht een spijkerjasje bij Melting Pot Kilo, eindelijk leuke en goedkope vintage! Echt spotgoedkoop, want ik betaalde voor mijn relatief zware spijkerjasje. Laat staan een licht shirtje. Verder kun je in de Marollen lekker shoppen en naar restaurantjes, die zitten hier namelijk zat.

I

n de Marollen zit een plein, het Vossenplein. Elisa en pakten hier een terrasje, zo gezellig, het zat lekker vol. Ook blijkt er elke dag een rommelmarkt te zijn op het Vossenplein, van 8 uur ’s ochtends tot ongeveer 14 uur. Helaas waren wij hier pas rond een uur of halfvier, dus wij hebben dit gemist.

16 uur, wafel tijd

In Brussel kon je niet om de Belgische wafels heen, dus wij ook niet. En dat was helemaal niet erg, want voor 2 euro deelden we een heerlijke warme wafel. De wafels kom je wel tegen, ze verkopen ze veel in rijdende kraampjes. Wij aten er een vlakbij het Vossenplein.

Wat er zo bijzonder aan het Vossenplein is, is dat je er met de lift naar boven kunt. Even met de lift, en je hebt een prachtig uitzicht over de Brussel. Daar kon ik wel een uur naar kijken. Het zat trouwens naast het Justitiepaleis. Maar wil je dus een chille sfeer meemaken in Brussel? Ga hier dan zeker heen! Het is op zo’n 10 minuten loopafstand van de Grand Place dus midden in het centrum.

19 uur, diner

Zo’n groot aanbod in restaurants, toch hadden we vrij snel besloten waar we gingen eten. Ons oog was die middag al gevallen op een Ethiopisch restaurant, een keuken wat we allebei niet kenden. We gingen naar KoKoB, en we hebben daar heerlijk Ethiopisch gegeten. We kregen een groot plateau met een grote desemachtige pannenkoek, een injera, en erbij nog rolletjes injera. Op de pannenkoek werden aan tafel allerlei lekkere dingen verdeeld. Stoofvlees, kipfilet, spinazie, curryachtige groenten, salade, aubergine en feta achtige kaas. Als voorafje van het huis kregen we een glaasje met lekker gelookte bulgur met citroen. Je kunt hier heel lekker eten, echt een aanrader.

After dinner…

We liepen na het eten nog een rondje door de stad, en kwamen toch weer terecht bij ons favoriete Vossenplein in de sfeervolle Marollen. We namen op het Vossenplein weer de lift, en hadden weer prachtig uitzicht over Brussel, dit keer keken we naar de zonsondergang. We waren best wel moe, dus we gingen weer terug naar het hotel. In de fijne bedden. 🙂

9 uur ’s ochtends

We hadden geen ontbijt bij het hotel geboekt, dus we gingen even ergens in de stad zitten. Vlakbij ons hotel zat PAUL, een boulangerie keten die je vaak in Frankrijk ziet. Ook in Brussel dus. Hier aten we een croissant en een zoet rozijnenbroodje, voor niet al te veel geld. Helemaal prima als je hier even snel wat wilt eten, je kunt ook take away bestellen.

Rond halfelf vertrokken we met onze fiets uit Brussel. Dat was moeilijk, zo’n grote stad met zo’n grote omvang is totaal niet voorbereid op fietsers, helemaal niet op racefietsers. Het duurde dus wel even om de stad uit te komen. Wel kun je leuk fietsen rondom Brussel. Wij volgden fietsknooppuntenbordjes, die je ook in Nederland tegenkomt. Je kunt ze gemakkelijk uitzoeken op Vlaanderen Fietsland. Wel moeten wij uit ervaring bekennen dat het niet de snelste routes zijn. Wij fietsten van Brussel naar Gent en waren behoorlijk lang onderweg. Maar het zijn wel mooie landroutes!

Dat was mijn eerste blog over mijn nieuwe rubriek! Ik ga nog geen regelmaat aanhouden over in de hoeveel tijd ik een nieuwe stedenblog online ga zetten, maar jullie gaan in de toekomst nog heel wat travelblogs zien. Ik vind het zelf erg leuk om te schrijven. Ik hoop dat ook jullie het leuk vinden om te lezen en mijn tips eventueel opvolgen. En reageer vooral, misschien heb je nog suggesties voor andere steden of gebieden? Ik sta voor alles open. (Geen Australie of zo, maar he;) )

Ook nog even: dit is allemaal niet gesponsord! Puur uit eigen ontdekkingen en bevindingen.

Liefs, Veerle!

Nieuwe rubriek: travel guides op Yourinspirationworld!

Hoi!!

Yourinspirationworld kennen jullie als een foodblog, waarop meestal recepten en maandelijks een maandverslag op verschijnt. Verder niet zo veel spannende variatie. En ik vond het wel weer tijd voor variatie. Een nieuwe rubriek, dat leek me wel leuk. Maar wat? Ik heb al een tijd lang in mijn hoofd om iets met reizen, cultuur en steden te doen op de blog, maar niet echt specifiek iets. Daarnaast ben ik nog met een ander 5- of 10-jarenproject bezig waar jullie misschien nog wel eens iets van horen, wat een beetje in deze hoek zit, en twijfelde of ik er ook nog op mijn blog iets mee wilde.

Ik ga het dus wel doen! En daar ben ik blij mee. Want ik denk dat mijn blog wel toe is aan wat nieuws. Ook past deze rubriek heel goed bij mijn blognaam denk ik. Maar wat is precies het idee achter deze rubriek? Mijn idee is om eens in de zoveel tijd een blog te schrijven over een stad of plek waar ik geweest ben ik graag met jullie wil delen. De details zoals de hotels, b&b’s, restaurants en winkels die ik jullie aanraad als jullie de stad gaan bezoeken. Een soort travel guide dus, en dan telkens een aparte plek per blog.

Ik ben niet zo’n verre reiziger. Het vliegtuig is totaal niet mijn ding, en de auto eigenlijk ook niet. Het liefst reis ik met de trein, of met de fiets. Maar goed, zo kom ik dus nooit aan de andere kant van de wereld. Daarom zullen mijn blogs over hotspots gaan in en rondom Nederland, misschien een enkele keer in Spanje of Italië. Ik heb zelf ontzettend veel zin in de rubriek, omdat ik heel graag over mijn eigen ervaringen schrijf en het misschien nog wel leuker vind dan een recept uitschrijven. Ook ga ik mijn oude vakanties weer uitkammen, aan de hand van foto’s terugzoeken hoe ook alweer dat ene leuke restaurant heette en welk strand ook alweer zo mooi was. Ik denk dat er trouwens vooral veel blogs over Nederlandse steden online gaan komen. Omdat dat voor iedereen bereikbaar is (sorry international followers) en ik zelf ook regelmatig een Nederlandse stad bezoek.

Als jullie nog aanvullingen hebben op deze rubriek: ik hoor het graag! Ook vind ik het leuk als jullie zelf met tips aankomen. Wie weet kan ik die er ook bij vermelden, of een keer naartoe gaan.

Veel plezier met het lezen van alle aankomende travel blogs!

Liefs, Veerle

 

PS: STAY TUNED! Morgen komt de eerste travel blog online! Over welke plek of stad zou die blog gaan? …

Croissantring met spinazie en zalm

Herinner je je de croissantring met kip nog? Vast niet, dat is namelijk al een hele tijd geleden haha. Wel weet ik nog dat dit een groot succes was en daarom was het hoog tijd voor een nieuwe variant van een croissantring. Spinazie, zalm en ricotta is altijd een goede combinatie dus met croissantdeeg is dit zeker lekker. Je kan het als lunch serveren, (als onderdeel van het) avondeten en als borrelsnack. Iedereen kan dit ook maken, het is niet moeilijk en bevat maar 5 ingrediënten.

Verder heb ik hier weinig over te vertellen denk ik. Dus duik de keuken in en maak iedereen blij met deze lekkere gevulde croissantring :).

Ingrediënten:

  • 450 g spinazie
  • 200 g zalmfilet, zonder vel
  • 100 g ricotta
  • 1 teentje knoflook
  • 1 blik croissantdeeg (voor 6 croissants)

Verwarm de oven voor 200 graden.

Hak de knoflook fijn. Bak deze in een pan met olijfolie, en voeg beetje bij beetje de spinazie toe tot alles geslonken is. Voeg de ricotta toe.

Snijd de zalm in blokjes.

Bekleed een bakplaat met bakpapier en verdeel hier het croissantdeeg over, in een ‘ring’. Meng het spinaziemengsel met de zalmblokjes en breng op smaak met peper en zout.

Bak 25 minuten af in de oven.

Jamie Oliver: Vega gurkha-curry | aubergine, zoete aardappel & kikkererwten

Raad eens welk recept het meest bekeken wordt op mijn blog? Dat is dit recept. Het is een recept voor een simpel broodje met visstick en ketchup. Van Jamie Oliver. Als je mij al lang volgt, weet je misschien wel dat ik de Pagina 39 challenge heb gedaan. Dat betekende dat ik uit elk kookboek dat bij mij in de kast stond, ik het recept moet maken wat op pagina 39 staat. Met twee achterliggende gedachten: om meer uit kookboeken te koken, en om eens andere recepten te maken dan ik normaal zou doen. In een van Jamies boeken kwam ik dus uit op een kadetje met visstick en ketchup. Ik vraag mij al heel lang af waarom nou precies dat recept jullie triggert om te bekijken of te maken. Misschien komt het door de benaming: een fantastisch broodje visstick. Dat moet fantastisch zijn, toch? Misschien komt het omdat jullie het liefst super snelle recepten willen. Of komt het omdat het van Jamie is? De bekende topkok, die jullie toch meer vertrouwen dan mijn kookkunsten? 😉

Ik wilde dat graag weten. En dus bedacht ik om nog een recept van Jamie te maken uit een kookboek die ik van hem heb. Dit keer wel een heel ander recept, dus goed om te vergelijken. Dit recept komt uit een vrij nieuw kookboek van hem: superfood voor familie en vrienden. Ik had nog nooit van Gurkha curry gehoord, en waarschijnlijk is het voor jullie ook nieuw. Extra leuk om er daarom een recept van te plaatsen toch? Ik ben benieuwd hoeveel clicks dit artikel krijgt. En anders toch maar meer met broodjes visstick experimenteren ;).

Trouwens, ik heb zelf de rode pepers weggelaten en dat vervangen voor een snufje chilipoeder. Ben niet zo van het hele pittige.

Voor 6 personen

1 uur en 45 minuten + marineren

  • 4 cm gemberwortel
  • 4 tenen knoflook
  • 1-2 verse rode pepers
  • 4 kardemompeulen
  • 4 kruidnagels
  • 1 volle tl van elk: venkelzaad, komijnzaad, kurkuma en kaneel
  • 4 verse laurierblaadjes
  • 1 bosje verse koriander
  • 500 g yoghurt
  • 2 grote uien
  • 2 grote aubergines
  • 2 zoete aardappels
  • 1 blik gepelde tomaten
  • 1 pot kikkererwten
  • 450 g bruine basmatirijst

Schil de gember en pel de knoflook. Verwijder de zaadjes uit de rode pepers. Doe de gember, knoflook en peper en een keukenmachine. Kneus de kardemompeulen en doe de zaadjes met de kruidnagels, het venkelzaad, komijnzaad, de kurkuma, en de kaneel ook in de keukenmachine. Trek de steeltjes uit de laurierblaadjes en veog de bvlaadjes toe. Pluk de mooiste korianderblaadjes en zet ze in een kopje koud water opzij. Doe de rest in de keukenmachine, gevolgd door 250 g yoghurt en een snufje zeezout en zwarte peper. Maal alles tot een gladde saus. Pel de uien en snijd ze in stukjes van 3 cm. Schep de ui, groenten en marinade in een grote braadslede (30 x 40 cm) door elkaar en laat ze minstens 1 uur, maar het liefst een hele nacht staan, zodat de smaken goed kunnen intrekken.

Verwarm de oven voor tot 180 graden/gasovenstand 4 en bak degroenten 1 uur of tot ze donker goudbruin en gaar zijn. Zet de braadlsede vervolgens op matig vuur op je fornuis, giet de tomaten erbij en maak deze met een houten lepel stuk. Giet er vervolgens 1,5 blikje water bij. Roer de kikkererwten erdoor (met vocht en al) en laat de curry 20 minuten pruttelen. Proef en breng op smaak. Kook ondertussen de rijst volgens de aanwijzingen op de verpakking in een grote pan gezouten kokend water. Giet de rijst af en doe hem nog even terug in een pan op laag vuur, zodat de korrels een beetje krokant worden.

Schep de rijst op de borden. Schep de rest van de yoghurt door de curry en en strooi vlak voor het serveren de apart gehouden korianderblaadjes erover.

Kaas-uienpizza

Drie ingredienten. Een pizza. Beter kan het bijna niet. Je gelooft ook nauwelijks dat je maar letterlijk drie ingredienten nodig hebt voor deze pizza als je deze proeft. Het smaakt namelijk echt naar meer. Ik heb zelf hele fijne herinneringen aan kaas-uienbrood. Vroeger, toen ik nog op de basisschool zat, at ik altijd tussen de middag op woensdag en vrijdag thuis. Dan lunchten we lekker uitgebreid, mijn moeder was thuis en dekte altijd de tafel met van alles en nog wat. Vaak haalde ze dan ook wat bij de bakker tegenover ons. Vers ongesneden brood eigenlijk altijd wel, maar ook heel vaak speciaal voor mij een kaas-uienbrood. Die kon ik zo in mijn eentje op. Tegenwoordig haal ik hem niet vaak meer, af en toe denk ik er aan en dan neem ik er eentje mee. Jammer genoeg zitten die woensdag en vrijdag lunches thuis er ook allang niet meer in voor mij.

Toen we laatst bezoek kregen en ik een makkelijk en lekker borrelhapje wilde bedenken, gingen mijn gedachten de hele tijd naar kaas-uienbrood. Ik wilde het zelf maken. en om helemaal brooddeeg te maken had ik weinig zin en tijd voor. Zo kwam ik op het idee om kaas-uienpizza te maken. Gewoon met kant-en-klaar pizzadeeg. Uit de vriezer. En dat is echt heel lekker hoor. Het lekkere aan deze pizza vind ik dat de verhouding net even wat meer ui en kaas is dan brood. Want wees nou eerlijk, de kaas en ui zijn toch het lekkerste deel van het brood. En dus met maar drie ingredienten. Meer heb je echt niet nodig. Je kunt natuurlijk ook zelf pizzadeeg maken. Dan ben je ietsjes langer bezig. Want ook de bereidingstijd van dit recept is super kort.

PS: Ik wilde mij nog even exuseren voor het weer zo late recept. Wat eerst steevast om de dag een nieuwe blog was, heb ik laatst veranderd in 1 keer in de 3 dagen, en deze blog komt alweer een dag later. Ik probeer het regelmaat vast te houden, maar nu school weer begint, schiet bloggen er soms bij in. Wat ik super jammer vind. Ik vind het wel ontzettend leuk als je mijn blog bezoekt, of het nou even snel een kijkje is of of je een recept maakt. Alle volgers zijn welkom ❤

Ingredienten voor 1 pizza:

  • 5 bladen pizzadeeg uit de diepvries
  • 3 grote uien
  • 175 g geraspte kaas

Verwarm de oven voor op 190 graden.

Ontdooi de bladen pizzadeeg. Verdeel bakpapier over een bakplaat. Plak ze aan elkaar, en snijd het vijfde blad in twee helften, zodat je de twee helften tegen de bodem aan kunt plakken zodat je een mooie vierkante bodem krijgt.

Snijd de uien in dunne ringen. (ik moest echt huilen hier door die ui)

Verdeel de uienringen en vervolgens de gerapste kaas over de bodem.

Zet 30 minuten in de voorverwarmde oven.

Pastasalade met zalm, garnalen en groene asperges

Pastasalade is heel geliefd bij ons. Het lukt ook nog om elke keer een variant op salade te bedenken, op basis van pasta. Soms vis, soms vega. Vlees doen we er soms apart bij. Deze pastasalade is lekker vissig, er zit gerookte zalm en garnalen in. Beide een van mijn favoriete vissoorten als je het mij vraagt. Verder is ie gevuld met groene groenten: groene asperges en erwtjes. Je hebt de salade snel in elkaar gedraaid. Ik vind de salade lauwwarm het lekkerst, maar eet hem ook graag koud met warm weer zoals de afgelopen weken.

Dit typte ik op een warme meidag. Inmiddels is het alweer september, bijna te laat om deze ietswat zomerse pastasalade te delen. Maar ik vind dat het nog gewoon kan hoor. Ik ga vanaf nu lekker aan de slag met pompoen, zoete aardappel en andere winterse groenten om stevige en verwarmde gerechten mee te maken. Of een lekkere carrot cake, die ontbreekt volgens mij ook nog op mijn blog. In ieder geval, deze pastasalade hadden jullie nog van mij tegoed. Waar houden jullie meer van, zomerse of winterse gerechten? Ik houd er allebei wel van, alhoewel de Nederlandse winterkost mij niet erg aantrekt, helemaal als vegetariër sla ik liever de stamppot met rookworst af. Geef mij dan maar elke dag deze lekkere vissige salade, hmmm!

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 350 g pasta (ik gebrukte oricielli)
  • 250 g groene asperges
  • 400 g diepvrieserwtjes
  • 200 g gerookte zalm
  • 250 g diepvries wokgarnalen
  • Een handvol kerstomaatjes
  • Olijfolie extra vierge
  • 2 teentjes knoflook

.

Kook de pasta volgens de verpakking. Giet af.

Ontdooi de garnalen in heet water.

Verwijder de onderkantjes (niet de toppen, die zijn het lekkerst!) van de groene asperges en kook deze in een laagje water beetgaar. Kook 300 ml water en doe hier de diepvrieserwtjes ongeveer 1,5 minuut in, zodat deze helemaal ontdooit zijn.

Dep de garnalen droog van het water. Verhit een scheutje olijfolie in een koekenpan en bak hierin de garnalen. Pers met de knoflookpers er twee teentjes knoflook uit, laat de knoflook meebakken.

Snijd de kerstomaatjes in tweeën. Snijd de asperges in stukken van drie en snijd de gerookte zalm in stukjes.

Meng de pasta, tomaatjes, asperges, zalm, garnalen, erwtjes en een scheut extra vierge olijfolie door elkaar. Breng op smaak met peper en zout. Lekker met rucola en parmezaan.

Chocolate chip cookies ijs

Ijs kan wat mij betreft elk seizoen worden gegeten. In de zomer natuurlijk, met hoge temperaturen kan ik niet zonder ijs. Dan eet ik ook het liefst fris ijs, zoals citroen sorbetijs. Door het jaar heen sta ik altijd open voor ijs als toetje. Al is dat meer iets voor het weekend. We hebben eigenlijk altijd wel een bak vanille roomijs in de vriezer staan, en die halen we er zo nu en dan op een vrijdagavond uit om eens even lekker los te gaan op ijs met hagelslag en andere zoete versiersels. De fijnste toetjes zijn dat.

Toch gaat er voor mij niets boven een ijsje van de ijssalon. Altijd heb ik al een obsessie gehad met ijssalons. Van kleins af aan wilde ik altijd altijd al ‘ijscoman’ worden. Nu stiekem nog steeds. Als ik bij de ijssalon ben, sta ik altijd ook uitgebreid te twijfelen welke smaak ik zal nemen. Meestal kies ik er dan uiteindelijk twee, en dat worden meestal smaken als cookies, chocolade of andere zoete, zware ijssmaken.

Cookies ijs is wat mij betreft altijd goed. Als ik echt niet weet wat ik moet kiezen, ga ik meestal voor choco cookies. In de supermarkt is deze niet veel te koop, cookie dough zie je nog wel eens, maar gewoon cookies bijna niet. Daarom kun je deze heel gemakkelijk zelf maken! Ik heb het recept voor je uitgezocht, met extra veel cookies! Omdat ik de cookies toch zeker wel het hoogtepunt vind van het hele ijs.

Ingrediënten voor een bak ijs:

  • 300 ml melk
  • 200 ml slagroom
  • 125 g suiker
  • 3 eidooiers
  • 1 vanillestokje
  • 100 g chocolate chip cookies
  • Chocoladesaus, evt

Giet de melk en slagroom in een pan en breng deze aan de kook. Halveer het vanillestokje en voeg toe in de pan. Wanneer het kookt, zet je het vuur op z’n zachtst. Ondertussen mix je de eidooiers met de suiker met een garde. Verwijder het vanillestokje. Giet zo’n 150 ml van het melkmengsel toe aan de eidooiers en kluts even mee. Voeg dit bij de pan en het nog steeds op laag vuur inkoken tot een steeds dikkere custard. Wel goed blijven roeren, dat is belangrijk. Als je een dikke yoghurtachtige dikte hebt, is het goed. Haal de custard door de zeef en doe de gezeefde custard in een kom. Laat staan tot het helemaal afgekoeld is.

Met de ijsmachine:

Laat het ijs een halfuurtje draaien in de ijsmachine. Voeg in de laatste 2 minuten 75 gram stukjes chocolate chip koekjes toe. Verdeel het ijs in een vriesbestendige bak en verdeel er nog eventueel wat chocoladesaus over. Ik roerde het er met een lepel een beetje doorheen. Garneer met wat overgebleven koekjes. Zet minimaal 45 minuten in de vriezer.

Zonder ijsmachine:

Ik weet niet helemaal zeker of het ook zonder ijsmachine kan, maar ik denk dat je het ijsmengsel met de koekjes in een bak in de vriezer ook prima kan. Wel om het ongeveer 5 keer om het uur even omscheppen. Al weet ik niet eens of dat hoeft. Probeer maar eens uit:).

Filorolletjes met spinazie, mango en feta

Op de valreep van de zomer nog een tropisch hapje. Voor mij is dat opzich niet gek, ik heb namelijk net een feest met het thema tropical party gehad. Mijn moeder wordt bijna vijftig, en dat moet natuurlijk gevierd worden. We hadden de hapjes aan iemand anders besteed, dus deze rolletjes stonden niet op het menu. Toch denk ik dat deze gezellige filodeegrolletjes heel geschikt waren voor het feest. Mango geeft gerechten altijd een exotische kick. Ik hou daar wel van. De zoete smaak van de mango matcht perfect bij de zoute feta en de spinazie past er ook lekker bij. Als extra toevoeging zit er nog verse munt in.

Ik maakte deze hapjes stiekem op een regenachtige dag. Om toch de zomer er een beetje in te houden, vrolijken deze hapjes je binnendagje helemaal op. Dus je hoeft deze hapjes niet op een tropische dag te maken, ze kunnen ook prima op een koude herfstdag!

Ik plan dit artikel in voor 3 september, de dag dat school weer begint voor mij. Wil ik toch even bij stilstaan, ik ga mijn examenjaar in! Op dit moment heb ik nog lekker veel tijd (afgezien van werk, afspraken en op vakantie dan) om te bloggen en andere relaxte dingen te doen, dus ik plan nu vast veel in. Dan kunnen jullie weer lekker aan de bak met nieuwe recepten!

Ingredienten voor 8 rolletjes:

  • 12 vellen filodeeg
  • 300 g spinazie
  • 125 g feta
  • 1 mango
  • Een handje verse munt

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Verhit een scheutje olie in een koekenpan en bak hierin de spinazie. Schil en snijd de mango in blokjes. Hak de munt fijn. Verkruimel de feta. Voeg deze ingredienten bij elkaar en breng op smaak met peper en zout.

Bekleed een bakplaat met bakpapier. Vul 8 blaadjes filodeeg met elk 1/8 deel van het mengsel, zodat het goed verdeeld wordt. Vouw de randen naar binnen en rol ze op. Smeer in met wat olijfolie extra vierge. Snijd de overige 4 bladen filodeeg door de helft en wikkel deze om elk rolletje. Smeer ook dit in met olijfolie.

Leg de rolletjes op de bakplaat en bak in zo’n 20-25 minuten knapperig.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑